Malu de Bont
Je verdiende loon, het eerlijke verhaal over onze portemonnees (en hoe je eruit haalt wat erin zit)
Je verdiende loon
In haar boek schrijft Malu de Bont over het grote verschil tussen have’s en have not’s - de wealth gap dus. Voor het blad Elle schreef ze De Rekening, portretten van jonge mensen over hoeveel geld erin kwam en hoeveel er eigenlijk overbleef. Vaak zie je dat mensen het net redden per maand, tot de volgende paycheck. ‘In die drie maanden dat ik daar bij mijn ouders zat, zei mijn moeder: “Je hebt een jaar fulltime gewerkt, hoe kan het dat je nul euro spaargeld hebt?” En ik wist het ook niet.’
Ik moest denken aan het boek De Havermelkelite van Jonas Kooyman, die soms vermakelijk, én schrijnend het geweldige leven beschrijft van de jonge generatie in Amsterdam. Ze verdienen relatief veel geld, maar hebben aan het eind van elke maand niets op een spaarrekening staan. Als er iets onverwachts gebeurt, zijn ze de klos.
Jonas Kooyman haalt de Amerikaanse socioloog Ray Oldenburg aan om de situatie te duiden, die het begrip third place bedacht. je eigen thuis is dan de first place, je werk of studie de second place, en de third place is of zijn de openbare plekken die we om ons heen hebben, de plekken waar je de gemeenschap kunt ervaren. 'Het zijn locaties die - zo blijkt uit onderzoek - bijdragen aan het mentale welzijn van de bezoekers ervan én aan het gevoel van verbondenheid in een buurt, omdat je er relaties opbouwt met de andere aanwezigen.' Maar wat als we de third place niet meer hebben of ervaren?
Buitenkant
Aan de buitenkant succesvol, en daar houdt het dan ook op. Dat is waar Malu de Bont ook over struikelt, het gegeven dat als je geen rijke ouders of familie hebt, je het wel heel zwaar krijgt in deze overgekapitaliseerde samenleving. Huis kopen? Vergeet het maar. Enig geld op de rekening? Nee, het is uitgegeven. ‘Wat die realiteit zo ongemakkelijk maakt, is het gegeven dat die zo ónmaakbaar is.’
Waar vroeger één persoon per huishouden voldoende was om een gezin te onderhouden, gaat dat nu nooit meer lukken. Dat is de uitzichtloosheid van veel jonge mensen. O ja, je ziet wel in coffeeshops met hun laptops, of vrolijk drinkend op terrassen. Waar doen ze het van? Van het geld dat voldoende is om huur en eten te betalen, een beetje aan kleding, misschien zelfs een leaseauto, maar dat is het dan. Is dat eigenlijk erg? Toch wel, om twee redenen. De eerste is het beeld dat de succesvolle mensen ophangen in social media, waarbij ze niet vertellen dat ze hulp hebben gehad in het leven. Wat heb ik verkeerd gedaan, is dan de gedachte bij hen die achterblijven. De tweede is het beeld dat het succesvol zijn de reden is van je bestaan. Malu de Bont zegt in een interview in Trouw hierover: “Als je stevig in dat maakbaarheidsgeloof zit, ga je daar anderen op beoordelen. Als je gelooft dat er geen systemen zijn of iets als tegenspoed, dan krijg je een hard en onterecht oordeel naar anderen. Dat veroorzaakt bij die anderen veel onnodige stress, burn-outs, een negatief zelfbeeld. Het is een hoogmoedig uitgangspunt.”
Afzuigkap
Het is een wereld waarin het systeem als een afzuigkap werkt, schrijft ze. Het is een wereld van competitief consumeren, of zoals de socioloog Thorstein Veblen het noemde: ‘conspicuous consumption’. ‘Het idee dat we niet alleen dingen kopen omdat we ze lekker, mooi of nuttig vinden, maar ook om aan anderen te laten zien hoe goed we het hebben.’ We zijn de fuik ingezwommen en kunnen er maar moeilijk uit.
De econonoom en hoogleraar Irene van Staveren schreef het zo in haar boek Wat wij kunnen leren van economen die bijna niemand meer leest: ‘Of neem de econoom Thorstein Veblen (1857–1929) die met zijn ‘Theorie van de nietsdoende klasse’ zijn licht wierp op de grote inkomensongelijkheid van dat moment. Logisch zul je denken, daar was het de tijd ook wel voor. Precies. Lees dan eens het laatste SCP rapport (maart 2023): ‘Er is in Nederland sprake van een klassenstructuur Eigentijdse ongelijkheid omvat meer dan tegenstellingen tussen, bijvoorbeeld, de elite, witteboordenwerkers, en arbeiders in de landbouw of industrie. Hulpbronverschillen slaan in uiteenlopende combinaties neer in zeven sociale klassen in de Nederlandse samenleving. Die vormen gezamenlijk een maatschappelijke hiërarchie van veel naar weinig kapitaal.’ Is er veel verschil met dat wat Thorstein Veblen dan zag? ‘De nietsdoende klasse, zegt Veblen, verzamelt trofeeën in de vorm van uitbundig uitgedoste vrouwen, luxe consumptiegoederen en naar de paardenrennen gaan.’
Precies zoals Simon van Teutem dat beschrijft in zijn De bermudadriehoek van talent. ‘Het is de prestige-fuik waar het jonge talent ingelopen is. Aanzien onder elkaar. Maar of het werk ook als waardevol wordt gezien blijkt de grootste groep van een enquête, die hij houdt onder 126 (ex-)insiders, daar ‘neutraal’ of niet ‘waardevol’ tot helemaal ‘niet waardevol’ op te antwoorden. ‘Uiteindelijk is het beeld dat ik krijg na meer dan tweehonderd gesprekken met bankiers, advocaten en consultants, en na meer dan zes maanden bij verschillende banken en twee maanden bij McKinsey als volgt: in de zakelijke dienstverlening zitten mensen die te werk gaan met de toewijding en urgentie van het Navy SEALS-team dat Osama Bin Laden moest uitschakelen. Maar de tomeloze energie en inzet van deze talenten leveren de wereld niet bijzonder veel op, zelfs als je het heel rooskleurig voorstelt. En in het slechtste geval berokkenen ze de maatschappij grote schade.’
De vrije markt heeft ons doen geloven dat alles mogelijk is, dat alles verkrijgbaar is, dat alles te bereiken is. De waarheid is dan hard als dat helemaal niet zo is, maar dat de deuren wel dicht gaan, en dicht blijven.
Transklasse
In haar boek Transklasse, leven in twee werelden van Lenette Schuijt schrijft zij over het nog steeds bestaande klasseverschil. ‘De belangrijkste reden dat we het in Nederland lang niet over sociale klassen hebben gehad is doordat we een hardnekkig egalitair zelfbeeld hebben’, zegt Schuijt. ‘We zijn allergisch voor de gedachte dat er ongelijkheid zou bestaan in ons land. Dat zorgt ervoor dat we geen uitschieters naar boven of naar beneden willen hebben en onszelf niet willen zien als klassenmaatschappij. Maar dat verdoezelt ondertussen wel de sociale verschillen die er bestaan, en maakt dat mensen die niet vooruitkomen het zichzelf verwijten en dat mensen die het goed hebben denken dat het hun persoonlijke verdienste is.’
Hoe eraan te ontsnappen, je niet meer meegezogen te laten worden, rechtop te gaan staan in een kapitalistische situatie die jij niet gaat veranderen? Malu de Bont geeft 5 goede tips:
- Verander je associatie met ‘genoeg’. Als je werkelijk gelooft dat tevredenheid stilstand is, en stilstand je grote angst is, dan is de enige manier om die angst te bezweren voortdurend ontevreden te zijn.
- Voedt het sociale weefsel om je heen. Realiseer je dat er allerlei momenten zijn die niets te maken hebben met productiviteit, efficiëntie en zelfoptimalisatie, en waar een afzuigkap je dus vandaan zal sturen. Stuur er dwars tegenin.
- Leg je telefoon weg. Laat ik hier nu even dat boek van Johann Hari noemen, De aandacht verloren.
- Denk in ‘veel, en achter elkaar’ in plaats van ‘alles, tegelijkertijd’. Laat jezelf weer samenvallen met een veel realistischer en natuurlijker ritme van een mensenleven - een leven waarin veel aanwezig is, en meestal achter of naast elkaar, in plaats van alles, tegelijk.
- Bevraag je verlangens en je doelen. Heeft mijn droom een hoog ‘gearriveerd’-gehalte, waarna alles op zijn plek moet vallen, of geniet ik van het proces?
Autonoom of loyaal
Heeft dit nu alles geholpen? Het boek van Manu de Bont, de aangehaalde boeken die ik dat kader eerder las voor de Betekenis Boeken Club? Ja en nee. Het maakt jouw situatie niet per se makkelijker. Maar het helpt je wel om je plaats te bepalen in die situatie. Manu de Bont haalt in haar boek een aantal keer Esther Perel aan, de Belgische psychologe, die naar Amerika trok en daar wereldberoemd werd. Perel heeft de neiging je deze vraag te stellen: ben je autonoom of loyaal? De mensen die geholpen werden in het leven antwoordden dat ze autonoom zijn. Is dat waar? De mensen die het op eigen kracht moeten doen geven als antwoord op die vraag dat ze loyaal zijn.
Manu de Bont geeft haar antwoord: ‘Niemand is volledig autonoom, niemand redt het alleen op loyaliteit. Mijn leven is een lappendeken van momenten waarop ik van iemand anders aankon, momenten waarop ik van mezelf aankon - precies zoals het bedoeld is.’
Ron van Es