Jan Vermeiren
Ware vrijheid, praktische reisgids naar een vervullende en vreugdevol leven
Ware vrijheid
Het hele leven is een reis. Een dooddoener natuurlijk, maar wel waar. Een reis. Van geboorte tot de dood. En op die reis is er een andere reis, de reis naar wie je bent, of werkelijk bent. Niet voor niets was die ‘slagzin’ van de Grieken zo relevant: Ken u zelf. Dat zelf kennen is dus de reis binnen de reis. En die reis is mogelijk de meest ingewikkelde, want die reis brengt je ook op een ander spoor. Het spoor naar binnen, naar loslaten, naar de kern van je mens-zijn. Het ontdekken dat er buiten jouzelf meer is, een Zelf, een ander bewustzijn, een verbinding met een veel groter geheel.
Ook hier zei de oude wijze, Paulus, al over: ‘Nu zien wij door een spiegel, in raadselen, maar straks van aangezicht tot aangezicht.’ Paulus bedoelt hiermee dat ons huidige begrip van God, het geloof en de geestelijke werkelijkheid onvolledig en vaag is. In de tijd van Paulus waren spiegels van gepolijst metaal, wat een onduidelijk, vervormd beeld gaf. Het ‘raadsel’ slaat op de gedeeltelijke kennis die we nu hebben.
In zijn boek Ware vrijheid neemt Jan Vermeiren de lezer mee in het ontdekken van wat er achter ons raadsel, ons mens-zijn ligt en gebruikt voor die reis de metafoor van een huis. Dit huis heeft meerdere - herkenbare - verdiepingen.
Het gelijkvloerse huis - het binnenkomen plus de kelder. Dit is, schrijft hij, een slechts beperkende fase van ons leven. Hier zijn we met ‘de energie van strijd, verdediging en overleven.’ Je zou deze fase, trouwens de hele metafoor, heel goed kunnen vergelijken met die beroemde piramide van Abraham Maslov. Onderaan de piramide hebben we als mens de meest noodzakelijk dingen nodig, voedsel, veiligheid, en naarmate we de piramide bestijgen komen we steeds meer bij zelfactualisatie, het samenvallen van wie ten diepste als mens zijn.
Maslow schrijft daar over: ‘Het universum wordt waargenomen als een verenigd geheel waarin alles wordt aanvaard en niets wordt veroordeeld of gerangschikt, egocentrisme en doelen nastreven verdwijnen terwijl de persoon samensmelt met het universum (en vaak met God); de waarneming van tijd en ruimte is veranderd, en de persoon wordt overspoeld door gevoelens van verwondering, ontzag, vreugde, liefde en dankbaarheid.’
Jan Vermeiren gaat in zijn boek verder met de metafoor van het huis en klimt als het ware de trappen verder op. De eerste verdieping, de loskom fase. Het loslaten van oude denk- en gedragspatronen. We zijn niet wie we dachten te zijn, of wat anderen van ons vinden. Maar wat dan wel? Dat is de tweede verdieping, de bewuste creatie fase, schrijft Jan Vermeiren. ‘Op de tweede verdieping neemt het hart de leiding over van het hoofd. De ratio krijgt een nieuwe rol: volgend in plaats van leidend.’
Maar daar stopt het niet. Er is nog een derde verdieping. ‘(Hier) gaan we enkel nog voor wat echt bij ons hoort, niet bij iemand anders. We volgen onze eigen koers. Hoe meer onthechting, hoe meer vrijheid er ervaren wordt.’
Logisch dat er in het boek die ene vraag gesteld wordt: op welke verdieping wil je leven?
Het hoogste doel bij Maslow is ‘zelftranscendentie’. Ik ben van mening dat dit niet gebeurt zonder de ‘ander’ daarbij te betrekken. Juist in die relatie met anderen leer je, val je op je bek, sta je weer op, zit je in zak en as, voel je je pijn, voel je ook je verlangen. Zoeken en vormgeven aan de betekenis van je leven is dus niet een lineaire lijn in tijd en groei als mens, en al zeker niet een groei die je als mens alleen kunt doormaken.
Ook Jan Vermeiren geeft aan dat ons leven een voortdurend heen en weer schakelen is tussen die verdiepingen van het huis. Daarbij leren we steeds beter wat elke verdieping is, en ons brengt. ‘We bewegen of reizen allemaal continu door ons Innerlijk Huis, vandaar dat ik dit boek een praktische reisgids heb genoemd.’
Een reisgids dus die ons leert hoe te leven in ware vrijheid, los van oude angsten, patronen die gaan knellen, gedrag dat destructief wordt.
Ron van Es
Lees ook deze boeken